De Adelaars in gevaar

Het was de nacht voor kerst in het Adelaarshuis, en er bewoog slechts één dier en het was geen muis. Over de stevige vloer liep Eris: Ik dacht dat iemand op de poort klopte, als ik me niet vergis. "Wie is daar?" vroeg ze, maar er kwam geen antwoord, en hoewel het niet slim was, opende ze de poort. Buiten op de mat, net op het randje van de afgrond, stond een rieten mand en het geluid dat ze hoorde. Ze hoorde dat iets in die mand geluid maakte.

Wat ik echt wil voor kerst...

De Feniksziel van Eris maakte haar moedig en ze keek wie er was achtergelaten, zo koudbloedig. Met in zijn mond een lepel, als baby verkleed als in een droom, lag de gier die we wel kennen als Voom Voom. Eris glimlachte. Hij zag er zo leuk en schattig uit, maar hij pakte een wapen en bedreigde haar. Armen en handen en vleugels in de lucht Eris dacht aan haar bed, en wenste dat ze erin lat.

Vogel vs. vogel

Nog voor ze wist wat er ging gebeuren, was Eris vastgebonden en kon ze geen woord meer uitbrengen. Ze moest daar zitten en kijken hoe de Gieren kwamen en zo Adelaarsstad en al haar kinderen overnamen. Voorzichtig en zorgvuldig werden ze opgehaald. De Gieren waren niet ruw, nee niet bepaalt. Ze werden in voertuigen gezet en toen reden ze weg, zonder ook maar een beetje uitleg.